Oorsprong familie van Lint
Dit is de naam van mijn moeders moeder. Na het uitzoeken van de Rooders stamboom vond ik het leuk om verder te gaan met meer familienamen, wat uiteindelijk ook leidde tot het het opzetten van de website.
De contacten die ik opdeed en de verhalen die her en der loskwamen maakten de hobby tot wat het nu is.
Weten de Haagse van Linten bijvoorbeeld dat er in Schagen een smederij van Lint was terwijl de oorsprong brug en sluiswachters in Loenen waren?
Al die takken en verbintenissen moeten mij gemaakt hebben tot wat ik nu ben. Ik zie steeds die lange rij voorouders staan, en denk dan: ja, waarschijnlijk heb ik ook van jou iets meegekregen.
Sinds het voor de eerste keer opzetten van de website heb ik van vele kanten recties en aanvullingen gekregen aangaande diverse familienamen. Een va die aanvullingen kreeg ik via een mailtje van Jan van Lint uit Gennep, die aangaf dat Arie van Lint, zoon van Bart van Lint en Jacoba van Pippe, niet jong gestorven was zoals eerder werd aangenomen, maar op 22 jarige leeftijd in Weesp
met Teuntje Koenders huwde. Meer nog, genoemde Arie zou voor een aanzienlijk aantal nakomelingen zorg hebben gedragen. Zie verder hieronder, de Amsterdamse tak van Lint.
In het verleden heeft Peter Gulicher, ook een verwoed genealoog en verwant in de van Lint stamboom, veel onderzoek naar onder andere de "van Linten" gedaan. Uit een brief van Peter Gulicher (ook aan Jan van Lint), blijkt nu dat er een persoonsverwarring is ontstaan tussen een Arie van Lent, en een Arie van Lint.
De inschrijvingen waren door het handschrift moeilijk te ontcijferen, en in eerste instantie werd dus aangenomen dat Arie jong gestorven was.
Een en ander is na het overlijden van Peter Gulicher terecht gekomen bij Johan van Lint. Volgende stap was uiteraard Johan bellen, en navraag doen. Toen bleek dat Arie van Lint zoals boven gezegd inderdaad een aanzienlijk aantal nakomelingen had, met name in en rond Amsterdam. Een en ander is in de stamboom weer aangevuld, dit mede dankzij de beide heren Jan en Johan van Lint, twee verre neven van elkaar, die mij het benodigde materiaal toespeelden, waarvoor uiteraard dank.
Volgens de volkstelling in 1947 wonen er op dat moment 156 van Lint naam dragers in Nederland. In 2007 zijn dat er volgens de statistieken 230. De grootste concentraties bevinden zich dan rond Den Haag, en Breda / Bergen op Zoom, gevolgd door Apeldoorn, Haarlemmermeer en Groningen.
De contacten die ik opdeed en de verhalen die her en der loskwamen maakten de hobby tot wat het nu is.
Weten de Haagse van Linten bijvoorbeeld dat er in Schagen een smederij van Lint was terwijl de oorsprong brug en sluiswachters in Loenen waren?
Al die takken en verbintenissen moeten mij gemaakt hebben tot wat ik nu ben. Ik zie steeds die lange rij voorouders staan, en denk dan: ja, waarschijnlijk heb ik ook van jou iets meegekregen.
Sinds het voor de eerste keer opzetten van de website heb ik van vele kanten recties en aanvullingen gekregen aangaande diverse familienamen. Een va die aanvullingen kreeg ik via een mailtje van Jan van Lint uit Gennep, die aangaf dat Arie van Lint, zoon van Bart van Lint en Jacoba van Pippe, niet jong gestorven was zoals eerder werd aangenomen, maar op 22 jarige leeftijd in Weesp
met Teuntje Koenders huwde. Meer nog, genoemde Arie zou voor een aanzienlijk aantal nakomelingen zorg hebben gedragen. Zie verder hieronder, de Amsterdamse tak van Lint.
In het verleden heeft Peter Gulicher, ook een verwoed genealoog en verwant in de van Lint stamboom, veel onderzoek naar onder andere de "van Linten" gedaan. Uit een brief van Peter Gulicher (ook aan Jan van Lint), blijkt nu dat er een persoonsverwarring is ontstaan tussen een Arie van Lent, en een Arie van Lint.
De inschrijvingen waren door het handschrift moeilijk te ontcijferen, en in eerste instantie werd dus aangenomen dat Arie jong gestorven was.
Een en ander is na het overlijden van Peter Gulicher terecht gekomen bij Johan van Lint. Volgende stap was uiteraard Johan bellen, en navraag doen. Toen bleek dat Arie van Lint zoals boven gezegd inderdaad een aanzienlijk aantal nakomelingen had, met name in en rond Amsterdam. Een en ander is in de stamboom weer aangevuld, dit mede dankzij de beide heren Jan en Johan van Lint, twee verre neven van elkaar, die mij het benodigde materiaal toespeelden, waarvoor uiteraard dank.
Volgens de volkstelling in 1947 wonen er op dat moment 156 van Lint naam dragers in Nederland. In 2007 zijn dat er volgens de statistieken 230. De grootste concentraties bevinden zich dan rond Den Haag, en Breda / Bergen op Zoom, gevolgd door Apeldoorn, Haarlemmermeer en Groningen.
De oudste bekende gegevens zijn die van Bart van Lint als hij huwt met Jacoba van Pippe. Uit dit huwelijk zijn twee zoons bekend, zij vormen de twee hoofdtakken: Arie van Lint (boven al genoemd) en Pieter van Lint. Pieter huwt op 28 april 1834 in Loenersloot met Geertruy van Schaick, en het echtpaar krijgt drie kinderen:
Jacobus Hendrikus, Christiaan Bartholomeus en Geertruida Maria.
In 1835 verhuist het echtpaar naar Zijpe, niet ver vanwaar de ouders van Geertruy wonen (Schagen), en waar Pieter aan de slag kan als sluiswachter. Uit Jacobus Hendrikus van Lint splitsen zich later weer een aantal kenmerkende takken:
De Delftse tak, de directe familie van mijn grootmoeder vanuit Petrus van Lint
De Gelderse tak, met enige markante wiskundige figuren, vanuit Jacobus Hendrikus van Lint
De Schager tak, vanuit Christiaan Bartholomeus van Lint
De Amsterdamse tak van Lint
De Amsterdamse tak van Lint vangt niet aan in Amsterdam zoals de titel doet vermoeden, maar in Weesp. Het is hier dat de stamvader van deze tak, Arie van Lint (1797 - 1871) in april 1820 huwt met Teuntje Koenders. Arie werd geboren in Loenen, en is nauwelijks 8 jaar oud als zijn vader Bart van Lint komt te overlijden. Het is het begin van de 19e eeuw, en sociale voorzieningen zijn er niet in die tijd. Met zijn moeder en twee jongere broers en een jongere zuster komt hij tercht in het klooster van de Zusters van Liefde.
We vinden Arie terug als hij na zijn dienstplicht als timmermansknecht in Weesp werkt, en hij huwt met Teuntje Koenders dan 8
jaar dienstbode bij de familie Papegaay in de Hoogstraat. Bij dit huwelijk was zijn moeder Jacoba van Pippe uit Loenen tegenwoordig. Na 1 mei 1830 is hij winkelier op de Nieuwstad en in 1840 timmerman wonende in de Sam van Gentsteeg.
Omstreeks 1843 verlaat het gezin Weesp en vertrekt naar Haarlem, Achterstraat wijk 2, huis 331, (tegenwoordig de Anthoniestraat) en verhuist vervolgens oktober 1859 naar Amsterdam in de Halsteeg I 95.
In 1860 komt echtgenore Teuntje Koenders te overlijden, en blijft Arie van Lint met 10 kinderen achter.
Op 12 april 1866 huwt Arie een tweede maal in Amsterdam, met Maria Catharina Hageraats. Uit dit tweede huwelijk zijn echter geen kinderen bekend. Zie verder de database voor personen.
De Delftse tak van Lint
De oorsprong van alle hier aanverwante van Linten bevond zich in Loenen. Het is vanuit hier dat de naam zich over Nederland zal spreiden. De eerste grote sprong wordt gemaakt rond 1840. De oudste van Linten waren brug en sluiswachters in het waterrijke gebied rond Amersfoort, en het is Pieter van Lint die van daaruit naar Noord Holland verkast. Hij komt terecht in Zijpe, en sticht er zijn familie.
De eerst geboren zoon, Petrus, is ongeveer 16 jaar oud als hij besluit beroeps militair te worden. Hij meld zich aan, en wordt in eerste instantie gelegerd in Harderwijk. In 1892, hij is dan 24 jaar huwt hij met Margaretha Catharina Mingels. Zij nemen hun intrek in een huisje in Harderwijk, en 5 jaar later, in Mei 1897 wordt Petrus overgeplaatst naar Delft. Hij wordt fourier in de kazerne Princenhof.
In totaal worden er in het gezin 11 kinderen geboren, de eerste 3 in Harderwijk, de rest in Delft. De oudste in het gezin, Jacobus Hendrikus (1893 - 1947) volgt zijn vader in de voetsporen, en rond 1910 neemt hij dienst in het KNIL leger. In 1914 breekt de eerste wereld oorlog uit, en het is in die periode dat de dienstplicht wordt ingevoerd. Nederland is ook in opperste staat van paraatheid, en alle mannen jonger dan 40 jaar worden in dienst geroepen. Zo ook het tweede kind uit het gezin, Antonius Judocus (1895 - 1945) en hij wordt gelegerd in Harderwijk.
Hij zal nooit in het huwelijk treden, en in de hongerwinter tijdens het laatste jaar van de tweede wereld oorlog komt hij te overlijden.
In 1920 verkast het gezin Petrus van Lint en Margaretha Mingels met de laatste dan nog thuis wonende kinderen naar Den Haag, de Schlegelstraat, waar zij nog jaren zullen wonen.
In april 1949 komt als eerste Margaretha van Lint-Mingels te overlijden, op 81 jarige leeftijd. Na haar overlijden blijft Petrus van Lint eerst nog in het zelfde huis wonen, met hulp van dochter Catharina Margaretha (1900 - 1970), maar later trekt hij in bij zoon Franciscus Antonius (1909 - 1998) die ook in de Schlegelstraat was komen te wonen. In 1957, na het verhuizen van zoon Franciscus van Lint trekt hij dan in bij zoon Albertus, waar hij blijft tot zijn overlijden in 1961.
De Gelderse tak van Lint
De Gelderse tak van Lint, is een kleine maar zeker niet onbelangrijke tak aan de boom. De tak begint in Schoorl, waar op 21 juli 1876 het zesde kind van Jacobus Hendrikus en Johanna Anthonia Westhoff wordt geboren. Hij krijgt net als zijn vader de namen Jacobus Hendrikus mee.
Jacobus huwt op 24 jarige leefijd op 14 Februari 1901 in Wijchen met Antonette Victoria Lepoutre. Hij wilde net als zijn overgroot- vader (Bart van Lint) voor hem het onderwijs in, maar wist het verder dan dat te brengen. Jacobus werd leraar, en werd later directeur van de kweekschool voor leerkrachten in Zwolle.
Als eerste komt op 12 maart 1955 Jacobus te overlijden en een jaar later op 18 Juni 1956 Antonette, beiden in Velp. Het echtpaar kreeg in totaal vijf kinderen, drie zonen en twee dochters.
Het eerste kind, tevens de oudste zoon, Victor Jacobus, huwt Grietje de Jager, en vertrekt na zijn studie aan de TU Delft naar Indonesie alwaar hij een vijf jarig contract kreeg (Medan gevolgd door Bandoeng). Na dit contract werkte hij o.a. in Roemenie en Californie voor de Shell, tot de uitbraak van de grote depressie. Hij keert terug naar Nederland, maar in September 1937 emigreert de familie terug naar Amerika, eerst New Mexico en later Californie.
In Indonesie was een zoon geboren, Victor Anton Jacobus in mei 1928. In 1950 huwt Victor met Mildred June Woolhouse. Victor studeerde af aan de California Institute of Technology met een Ph.D in physics. Hij werkte onder andere als instructeur aan de Princetown University, deed twee jaar militaire dienst, en werd lid van de technische staf van het General Atomic en de Mission Research Corporation in San Diego. Later werkte hij als prive consultant met expertise in het effect van nucleaire en intense electro magnetische radio straling. Hij werd verkozen als ere lid aan het Institute of Electrical and Electronic Engineers en ontving de National Aeronautics and Space Administration Public Service Award voor zijn bijdragen aan de Voyager space
probe.
Het echtpaar adopteerde vier kinderen, en heeft een totaal van negen kleinkinderen, allen in Amerika.
Het tweede kind, Jacobus Hendrikus, wederom een zoon zal in de voetsporen van zijn vader treden, verder hieronder.
De derde zoon Hendrik Victor komt te sneuvelen gedurende WO II op Java in Indonesie. Hij was gehuwd maar er zijn geen
kinderen van dit echtpaar bekend.
Drie generaties van Lint, en drie maal komen we de naam Jacobus Hendrikus tegen. Jacobus had een fenomenaal geheugen,
en al op jonge leeftijd was het duidelijk dat hij in de voetsporen van zijn vader zou treden. Hij studeerde in Utrecht wis- en natuurkunde, was een fervent voetballer, en wilde leraar worden. Op jonge leeftijd werd hij leraar wiskunde, later onderdirecteur, en kreeg daarna de kans om in Bandoeng gedurende een jaar aan de Technische Hogeschool plaatsvervangend hoogleraar wiskunde te worden.
Jacobus zag wel wat in dit avontuur, en vertrok met verloofde Petronella Minkman naar Medan op het eiland Java om er op 29 september 1931 te huwen. Van plaatsvervangend hoogleraar stapte hij over naar een vaste aanstellling, tot de familie in 1937 voor een jaar met verlof naar Nederland terug keerde. Het verre Indie bleef echter trekken, en na een jaar keerde het gezin terug, nu niet naar Bandoeng, maar naar Batavia eveneens op Java.
De Tweede Wereld Oorlog breekt uit, en ook Nederlands Indie blijft niet gespaard. Jacobus was als dienstplichtig soldaat ingedeeld bij de bloedige gevechten rond Tandjong Priok, de haven van Batavia, en overleefde het. Hierna kreeg hij een taak bij de
opleiding van piloten. Slechts enkele dagen voor de capitulatie werden alle bij die opleiding betrokkenen op schepen naar Australie gezet.
De echtgenote van Jacobus, Petronella, trok er met de kinderen achteraan en slaagde erin ondanks de bombardementen, op een van de laatste tien schepen te komen die nog van Tjilatjap naar Australie voeren. Van die tien schepen zijn er zeven getorpedeerd.
Twee kinderen waren geboren:
Jacobus Hendrikus (later Jack) op 1 september 1932 in Bandoeng en Johan op 10 mei 1934 in Bandoeng
Een paar maanden later volgt een nieuwe zeereis, de hele famile van Lint ging met de Nederlandse piloten opleiding mee naar Jackson (Mississippi) in de Verenigde Staten van Amerika. Na een jaar, het is intussen 1943, verhuisd het hele gezin naar Chicago, wegens een overplaatsing van Jacobus, waar zij tot het einde van de Tweede Wereld Oorlog zullen blijven.
In 1945 keert de hele familie terug naar Nederlands Indie, en is Jacobus meteoroloog in dienst van het Nederlandse leger. Lang kunnen zij daar echter niet blijven, de toestand op Java was voor Nederlanders onveilig geworden. Opnieuw stapt de familie op de boot, dit maal voor de lange zeereis naar Nederland. In de herfst van 1946 kwamen zij terecht bij familie in Arnhem.
Ook hier zullen zij echter niet lang blijven, tussen 1948 en 1949 verhuizen zij naar Zwolle, waar Jacobus directeur van de Rijks HBS zou worden. Op 17 December 1977 komt Jacobus in Zwolle te overlijden, zijn echtgenote Petronella Minkman kwam te overlijden op 12 Juni 1993 in Wageningen.
De derde Jacobus Hendrikus van Lint werd op 1 September 1932 geboren in Bandoeng op Java. Zijn jeugd was een aaneen schakeling van veranderingen, en had een avontuurlijk tintje. Toen Jack (zoals hij later genoemd zou worden) 5 jaar was, kwam hij met de familie voor het eerst in Nederland.
Jack deed in 1950 eind examen HBS en slaagde er in met zes tienen op de lijst de beste van Nederland te worden. Hij was toen
zeventien jaar. Na de HBS ging Jack studeren in Utrecht. In die dagen was het gangbaar om zes jaar over een studie te doen, maar op 31 Januari 1955 haalde Jack na vier en een half jaar zijn doctoraal examen cum laude.
In Juni 1959 werd hij op nog maar 26 jarige leeftijd hoogleraar aan de Technische Hogeschool in Eindhoven. Dit instituut zou hij zijn verdere leven trouw blijven.
Van 1989 tot 1991 was hij decaan van van de faculteit wiskunde en informatica, en van 1991 tot 1996 Rector Magnificus.
In Eindhoven ontmoette Jack ook zijn toekomstige echtgenote, Elisabeth Barbara Janna Teunissen, met wie hij op 15 December 1961 in Eindhoven huwde. Betty was geboren in Veenendaal op 19 Mei 1938 als dochter van Cornelis Hendrik Teunisen en Hildegonda Gort.
Uit dit huwelijk werden ook weer twee kinderen geboren: Barbara en Jacobus Hendrikus.
In 2002 werd Jack ernstig ziek, en onderging een zware operatie. Hij zou nooit meer volledig herstellen, en op 28 September 2004 komt hij te overlijden na een korstondig ziekbed van enige weken.
De Brabantse tak van Lint
Deze tak vangt aan met Hermanus Franciscus van Lint (1879 - 1943), het voor laatste kind van Jacobus Hendrikus van Lint en Johanna Anthonia Westhoff.
Hermanus werd rijksambtenaar bij de douane/belastingdienst, of commies zoals dat toen werd genoemd.
Op 28 oktober 1896 gaat hij naar de kazerne in Schoonhoven voor enige jaren vrijwillige militaire dienst, neemt dan naast zijn werkzaamheden de studie ter hand en is in 1906 Ontvanger bij Inspectie Belastingen te Goirle, Baarle-Nassau, Oud-Vroenhoven en Nispen. Hendrikus wordt vervroegt gepensioneerd door slechtziendheid, vertrekt met vrouw op 26 april 1932 naar Oudenbosch en was sedert maart 1936 woonachtig in Breda, alwaar hij op 8 augustus 1943 komt te overlijden.
Uit het huwelijk van Lint-Horemans worden zes kinderen geboren:
Jacobus Hendrikus Franciscus, huwt Anna Theresia Wilhelmina van de Oudenhoven, verder geen gegevens bekend.
Johanna Anthonia Elisabeth, vertrok op 8 sept. 1928 naar het klooster van de Zusters van het H. Hart van
Maria te Berlaar, België en deed haar Eeuwige Professie 18 sept. 1933 als Zuster Hermine, werkzaam als lerares in snit, naald en confectie altijd strevende naar perfectie. Haar grote liefde ging uit naar het orgelspel, dat zij van haar vader had geleerd en kon uitdragen op de kapelorgel bij alle diensten tot de vrijdag voor haar sterven. Cantabo Domino in vita mea... ik zal voor de Heer musiceren mijn leven lang.
Francisca Geertruda Wilhelmina, was lid van de congregatie van O. L. Vrouwe Onbevlekt Ontvangen en van de Eucharistische
Kruistocht, groep B te Essen.
Hermanus Wilhelmus Charles Carolus, verder geen gegevens bekend.
Charles Carolus, vertrok op 30 sept. 1926 naar een broederklooster in Oud-Gastel, 3 mei 1929 naar Anderlecht (B) en deed zijn eeuwige professie 15 aug. 1942 bij de Congregatie van de Broeders van Huijbergen als Broeder Leonardo, leraar BLO te Breda en Bergen op Zoom waar hij zeer werd gewaardeerd voor zijn creatieve vaardigheden. In 1994 terug naar Ste.-Marie in Huijbergen om van zijn laatste, rustende dagen te genieten die echter door een ongeval minder vredig verliepen.
Gestorven is hij in zijn eigen verzorgingskamer en begraven op het kloosterkerkhof aldaar. Op zijn bidprent de tekst: "Dankbaar om wat je voor ons bent geweest".
Josephina Achilla, vertrekt 9 sept. 1929 naar pensionaat St. Anna te Zundert en 2 nov. 1932 naar Essen (B). In maart 1935 keert zij terug bij haar ouders in Breda. Huwt 18 augustus 1945 in Breda met Andre Elsakkers. Kort na haar huwelijk verhuizen zij naar
Washington waar hij als attaché werkzaam is op de Nederlandse Ambassade. Keren in 1960 terug als André wordt geplaatst op het Ministerie van Buitenlandse Zaken te Den Haag. Op haar bidprent de tekst: "Wie Liefde Geeft, Ontvangt Liefde".
De Schager tak van Lint
De Schager tak vangt aan met Christiaan Bartholomeus van Lint (1839 - 1905). Christiaan werd geboren in Zijpe, waar zijn vader als brug en sluiswachter werkte. Christiaan zag niets in dit werk, ging als leerling smid aan het werk, en bouwde daar zijn eigen smederij. In 1867 huwt hij in Schagen met Sophia Mone, en het echtpaar krijgt drie kinderen waarvan er twee jong komen te overlijden. Ook Sophia komt jong te overlijden in 1873 op 31 jarige leeftijd, en Christiaan richt zich volledig op de smederij, later geholpen door zijn enig overgebleven zoon.
In 1905 komt ook Christiaan te overlijden, op 66 jarige leeftijd. De smederij wordt voortgezet door zijn enig overgebleven zoon Hermanus, en wordt een historisch begrip in Schagen.
Hermanus huwt in 1900 met Trijntje de Graaf. Zij krijgen een totaal van 5 kinderen, maar slechts een zoon. Deze wordt vernoemd naar zijn grootvader, Christiaan, en werd geboren in 1906. Ook hij heeft interesse in het smederij gebeuren, en vanaf jonge leeftijd is hij in de smidse aanwezig waar hij alle kneepjes van het vak van zijn vader Hermanus leert. Christiaan is zijn hele leven in de smederij te vinden, en zelfs op zeer hoge leeftijd maakt hij in zijn vrije tijd nog sier smeedwerk. In de jaren 80 heb ik hem nog moeten ontmoeten, hij was toen omstreeks 83 jaar, en hij liet mij zien dat niets hem vreemd was in de smidse.
In de moderne tijd, wanneer de smeden uitsterven, werd er naast de smidse een kraan verhuur bedrijf opgebouwd, wat
nog weer later opgaat in een staal constructie bedrijf (1993).
Wijnker van Lint Staalbouwers bv is een staalconstructie bedrijf gevestigd in Schagen. In 1993 nam Ing.Wijnker de activiteiten van Chr. van Lint staalbouw over en werd Wijnker van Lint staalbouwers geboren. In het jaar 2000 was de jaarlijkse omzet gestegen tot 14 miljoen euro. Het bedrijf telde meer dan 90 vaste medewerkers.
Verdere gegevens in de personen database
Jacobus Hendrikus, Christiaan Bartholomeus en Geertruida Maria.
In 1835 verhuist het echtpaar naar Zijpe, niet ver vanwaar de ouders van Geertruy wonen (Schagen), en waar Pieter aan de slag kan als sluiswachter. Uit Jacobus Hendrikus van Lint splitsen zich later weer een aantal kenmerkende takken:
De Delftse tak, de directe familie van mijn grootmoeder vanuit Petrus van Lint
De Gelderse tak, met enige markante wiskundige figuren, vanuit Jacobus Hendrikus van Lint
De Schager tak, vanuit Christiaan Bartholomeus van Lint
De Amsterdamse tak van Lint
De Amsterdamse tak van Lint vangt niet aan in Amsterdam zoals de titel doet vermoeden, maar in Weesp. Het is hier dat de stamvader van deze tak, Arie van Lint (1797 - 1871) in april 1820 huwt met Teuntje Koenders. Arie werd geboren in Loenen, en is nauwelijks 8 jaar oud als zijn vader Bart van Lint komt te overlijden. Het is het begin van de 19e eeuw, en sociale voorzieningen zijn er niet in die tijd. Met zijn moeder en twee jongere broers en een jongere zuster komt hij tercht in het klooster van de Zusters van Liefde.
We vinden Arie terug als hij na zijn dienstplicht als timmermansknecht in Weesp werkt, en hij huwt met Teuntje Koenders dan 8
jaar dienstbode bij de familie Papegaay in de Hoogstraat. Bij dit huwelijk was zijn moeder Jacoba van Pippe uit Loenen tegenwoordig. Na 1 mei 1830 is hij winkelier op de Nieuwstad en in 1840 timmerman wonende in de Sam van Gentsteeg.
Omstreeks 1843 verlaat het gezin Weesp en vertrekt naar Haarlem, Achterstraat wijk 2, huis 331, (tegenwoordig de Anthoniestraat) en verhuist vervolgens oktober 1859 naar Amsterdam in de Halsteeg I 95.
In 1860 komt echtgenore Teuntje Koenders te overlijden, en blijft Arie van Lint met 10 kinderen achter.
Op 12 april 1866 huwt Arie een tweede maal in Amsterdam, met Maria Catharina Hageraats. Uit dit tweede huwelijk zijn echter geen kinderen bekend. Zie verder de database voor personen.
De Delftse tak van Lint
De oorsprong van alle hier aanverwante van Linten bevond zich in Loenen. Het is vanuit hier dat de naam zich over Nederland zal spreiden. De eerste grote sprong wordt gemaakt rond 1840. De oudste van Linten waren brug en sluiswachters in het waterrijke gebied rond Amersfoort, en het is Pieter van Lint die van daaruit naar Noord Holland verkast. Hij komt terecht in Zijpe, en sticht er zijn familie.
De eerst geboren zoon, Petrus, is ongeveer 16 jaar oud als hij besluit beroeps militair te worden. Hij meld zich aan, en wordt in eerste instantie gelegerd in Harderwijk. In 1892, hij is dan 24 jaar huwt hij met Margaretha Catharina Mingels. Zij nemen hun intrek in een huisje in Harderwijk, en 5 jaar later, in Mei 1897 wordt Petrus overgeplaatst naar Delft. Hij wordt fourier in de kazerne Princenhof.
In totaal worden er in het gezin 11 kinderen geboren, de eerste 3 in Harderwijk, de rest in Delft. De oudste in het gezin, Jacobus Hendrikus (1893 - 1947) volgt zijn vader in de voetsporen, en rond 1910 neemt hij dienst in het KNIL leger. In 1914 breekt de eerste wereld oorlog uit, en het is in die periode dat de dienstplicht wordt ingevoerd. Nederland is ook in opperste staat van paraatheid, en alle mannen jonger dan 40 jaar worden in dienst geroepen. Zo ook het tweede kind uit het gezin, Antonius Judocus (1895 - 1945) en hij wordt gelegerd in Harderwijk.
Hij zal nooit in het huwelijk treden, en in de hongerwinter tijdens het laatste jaar van de tweede wereld oorlog komt hij te overlijden.
In 1920 verkast het gezin Petrus van Lint en Margaretha Mingels met de laatste dan nog thuis wonende kinderen naar Den Haag, de Schlegelstraat, waar zij nog jaren zullen wonen.
In april 1949 komt als eerste Margaretha van Lint-Mingels te overlijden, op 81 jarige leeftijd. Na haar overlijden blijft Petrus van Lint eerst nog in het zelfde huis wonen, met hulp van dochter Catharina Margaretha (1900 - 1970), maar later trekt hij in bij zoon Franciscus Antonius (1909 - 1998) die ook in de Schlegelstraat was komen te wonen. In 1957, na het verhuizen van zoon Franciscus van Lint trekt hij dan in bij zoon Albertus, waar hij blijft tot zijn overlijden in 1961.
De Gelderse tak van Lint
De Gelderse tak van Lint, is een kleine maar zeker niet onbelangrijke tak aan de boom. De tak begint in Schoorl, waar op 21 juli 1876 het zesde kind van Jacobus Hendrikus en Johanna Anthonia Westhoff wordt geboren. Hij krijgt net als zijn vader de namen Jacobus Hendrikus mee.
Jacobus huwt op 24 jarige leefijd op 14 Februari 1901 in Wijchen met Antonette Victoria Lepoutre. Hij wilde net als zijn overgroot- vader (Bart van Lint) voor hem het onderwijs in, maar wist het verder dan dat te brengen. Jacobus werd leraar, en werd later directeur van de kweekschool voor leerkrachten in Zwolle.
Als eerste komt op 12 maart 1955 Jacobus te overlijden en een jaar later op 18 Juni 1956 Antonette, beiden in Velp. Het echtpaar kreeg in totaal vijf kinderen, drie zonen en twee dochters.
Het eerste kind, tevens de oudste zoon, Victor Jacobus, huwt Grietje de Jager, en vertrekt na zijn studie aan de TU Delft naar Indonesie alwaar hij een vijf jarig contract kreeg (Medan gevolgd door Bandoeng). Na dit contract werkte hij o.a. in Roemenie en Californie voor de Shell, tot de uitbraak van de grote depressie. Hij keert terug naar Nederland, maar in September 1937 emigreert de familie terug naar Amerika, eerst New Mexico en later Californie.
In Indonesie was een zoon geboren, Victor Anton Jacobus in mei 1928. In 1950 huwt Victor met Mildred June Woolhouse. Victor studeerde af aan de California Institute of Technology met een Ph.D in physics. Hij werkte onder andere als instructeur aan de Princetown University, deed twee jaar militaire dienst, en werd lid van de technische staf van het General Atomic en de Mission Research Corporation in San Diego. Later werkte hij als prive consultant met expertise in het effect van nucleaire en intense electro magnetische radio straling. Hij werd verkozen als ere lid aan het Institute of Electrical and Electronic Engineers en ontving de National Aeronautics and Space Administration Public Service Award voor zijn bijdragen aan de Voyager space
probe.
Het echtpaar adopteerde vier kinderen, en heeft een totaal van negen kleinkinderen, allen in Amerika.
Het tweede kind, Jacobus Hendrikus, wederom een zoon zal in de voetsporen van zijn vader treden, verder hieronder.
De derde zoon Hendrik Victor komt te sneuvelen gedurende WO II op Java in Indonesie. Hij was gehuwd maar er zijn geen
kinderen van dit echtpaar bekend.
Drie generaties van Lint, en drie maal komen we de naam Jacobus Hendrikus tegen. Jacobus had een fenomenaal geheugen,
en al op jonge leeftijd was het duidelijk dat hij in de voetsporen van zijn vader zou treden. Hij studeerde in Utrecht wis- en natuurkunde, was een fervent voetballer, en wilde leraar worden. Op jonge leeftijd werd hij leraar wiskunde, later onderdirecteur, en kreeg daarna de kans om in Bandoeng gedurende een jaar aan de Technische Hogeschool plaatsvervangend hoogleraar wiskunde te worden.
Jacobus zag wel wat in dit avontuur, en vertrok met verloofde Petronella Minkman naar Medan op het eiland Java om er op 29 september 1931 te huwen. Van plaatsvervangend hoogleraar stapte hij over naar een vaste aanstellling, tot de familie in 1937 voor een jaar met verlof naar Nederland terug keerde. Het verre Indie bleef echter trekken, en na een jaar keerde het gezin terug, nu niet naar Bandoeng, maar naar Batavia eveneens op Java.
De Tweede Wereld Oorlog breekt uit, en ook Nederlands Indie blijft niet gespaard. Jacobus was als dienstplichtig soldaat ingedeeld bij de bloedige gevechten rond Tandjong Priok, de haven van Batavia, en overleefde het. Hierna kreeg hij een taak bij de
opleiding van piloten. Slechts enkele dagen voor de capitulatie werden alle bij die opleiding betrokkenen op schepen naar Australie gezet.
De echtgenote van Jacobus, Petronella, trok er met de kinderen achteraan en slaagde erin ondanks de bombardementen, op een van de laatste tien schepen te komen die nog van Tjilatjap naar Australie voeren. Van die tien schepen zijn er zeven getorpedeerd.
Twee kinderen waren geboren:
Jacobus Hendrikus (later Jack) op 1 september 1932 in Bandoeng en Johan op 10 mei 1934 in Bandoeng
Een paar maanden later volgt een nieuwe zeereis, de hele famile van Lint ging met de Nederlandse piloten opleiding mee naar Jackson (Mississippi) in de Verenigde Staten van Amerika. Na een jaar, het is intussen 1943, verhuisd het hele gezin naar Chicago, wegens een overplaatsing van Jacobus, waar zij tot het einde van de Tweede Wereld Oorlog zullen blijven.
In 1945 keert de hele familie terug naar Nederlands Indie, en is Jacobus meteoroloog in dienst van het Nederlandse leger. Lang kunnen zij daar echter niet blijven, de toestand op Java was voor Nederlanders onveilig geworden. Opnieuw stapt de familie op de boot, dit maal voor de lange zeereis naar Nederland. In de herfst van 1946 kwamen zij terecht bij familie in Arnhem.
Ook hier zullen zij echter niet lang blijven, tussen 1948 en 1949 verhuizen zij naar Zwolle, waar Jacobus directeur van de Rijks HBS zou worden. Op 17 December 1977 komt Jacobus in Zwolle te overlijden, zijn echtgenote Petronella Minkman kwam te overlijden op 12 Juni 1993 in Wageningen.
De derde Jacobus Hendrikus van Lint werd op 1 September 1932 geboren in Bandoeng op Java. Zijn jeugd was een aaneen schakeling van veranderingen, en had een avontuurlijk tintje. Toen Jack (zoals hij later genoemd zou worden) 5 jaar was, kwam hij met de familie voor het eerst in Nederland.
Jack deed in 1950 eind examen HBS en slaagde er in met zes tienen op de lijst de beste van Nederland te worden. Hij was toen
zeventien jaar. Na de HBS ging Jack studeren in Utrecht. In die dagen was het gangbaar om zes jaar over een studie te doen, maar op 31 Januari 1955 haalde Jack na vier en een half jaar zijn doctoraal examen cum laude.
In Juni 1959 werd hij op nog maar 26 jarige leeftijd hoogleraar aan de Technische Hogeschool in Eindhoven. Dit instituut zou hij zijn verdere leven trouw blijven.
Van 1989 tot 1991 was hij decaan van van de faculteit wiskunde en informatica, en van 1991 tot 1996 Rector Magnificus.
In Eindhoven ontmoette Jack ook zijn toekomstige echtgenote, Elisabeth Barbara Janna Teunissen, met wie hij op 15 December 1961 in Eindhoven huwde. Betty was geboren in Veenendaal op 19 Mei 1938 als dochter van Cornelis Hendrik Teunisen en Hildegonda Gort.
Uit dit huwelijk werden ook weer twee kinderen geboren: Barbara en Jacobus Hendrikus.
In 2002 werd Jack ernstig ziek, en onderging een zware operatie. Hij zou nooit meer volledig herstellen, en op 28 September 2004 komt hij te overlijden na een korstondig ziekbed van enige weken.
De Brabantse tak van Lint
Deze tak vangt aan met Hermanus Franciscus van Lint (1879 - 1943), het voor laatste kind van Jacobus Hendrikus van Lint en Johanna Anthonia Westhoff.
Hermanus werd rijksambtenaar bij de douane/belastingdienst, of commies zoals dat toen werd genoemd.
Op 28 oktober 1896 gaat hij naar de kazerne in Schoonhoven voor enige jaren vrijwillige militaire dienst, neemt dan naast zijn werkzaamheden de studie ter hand en is in 1906 Ontvanger bij Inspectie Belastingen te Goirle, Baarle-Nassau, Oud-Vroenhoven en Nispen. Hendrikus wordt vervroegt gepensioneerd door slechtziendheid, vertrekt met vrouw op 26 april 1932 naar Oudenbosch en was sedert maart 1936 woonachtig in Breda, alwaar hij op 8 augustus 1943 komt te overlijden.
Uit het huwelijk van Lint-Horemans worden zes kinderen geboren:
Jacobus Hendrikus Franciscus, huwt Anna Theresia Wilhelmina van de Oudenhoven, verder geen gegevens bekend.
Johanna Anthonia Elisabeth, vertrok op 8 sept. 1928 naar het klooster van de Zusters van het H. Hart van
Maria te Berlaar, België en deed haar Eeuwige Professie 18 sept. 1933 als Zuster Hermine, werkzaam als lerares in snit, naald en confectie altijd strevende naar perfectie. Haar grote liefde ging uit naar het orgelspel, dat zij van haar vader had geleerd en kon uitdragen op de kapelorgel bij alle diensten tot de vrijdag voor haar sterven. Cantabo Domino in vita mea... ik zal voor de Heer musiceren mijn leven lang.
Francisca Geertruda Wilhelmina, was lid van de congregatie van O. L. Vrouwe Onbevlekt Ontvangen en van de Eucharistische
Kruistocht, groep B te Essen.
Hermanus Wilhelmus Charles Carolus, verder geen gegevens bekend.
Charles Carolus, vertrok op 30 sept. 1926 naar een broederklooster in Oud-Gastel, 3 mei 1929 naar Anderlecht (B) en deed zijn eeuwige professie 15 aug. 1942 bij de Congregatie van de Broeders van Huijbergen als Broeder Leonardo, leraar BLO te Breda en Bergen op Zoom waar hij zeer werd gewaardeerd voor zijn creatieve vaardigheden. In 1994 terug naar Ste.-Marie in Huijbergen om van zijn laatste, rustende dagen te genieten die echter door een ongeval minder vredig verliepen.
Gestorven is hij in zijn eigen verzorgingskamer en begraven op het kloosterkerkhof aldaar. Op zijn bidprent de tekst: "Dankbaar om wat je voor ons bent geweest".
Josephina Achilla, vertrekt 9 sept. 1929 naar pensionaat St. Anna te Zundert en 2 nov. 1932 naar Essen (B). In maart 1935 keert zij terug bij haar ouders in Breda. Huwt 18 augustus 1945 in Breda met Andre Elsakkers. Kort na haar huwelijk verhuizen zij naar
Washington waar hij als attaché werkzaam is op de Nederlandse Ambassade. Keren in 1960 terug als André wordt geplaatst op het Ministerie van Buitenlandse Zaken te Den Haag. Op haar bidprent de tekst: "Wie Liefde Geeft, Ontvangt Liefde".
De Schager tak van Lint
De Schager tak vangt aan met Christiaan Bartholomeus van Lint (1839 - 1905). Christiaan werd geboren in Zijpe, waar zijn vader als brug en sluiswachter werkte. Christiaan zag niets in dit werk, ging als leerling smid aan het werk, en bouwde daar zijn eigen smederij. In 1867 huwt hij in Schagen met Sophia Mone, en het echtpaar krijgt drie kinderen waarvan er twee jong komen te overlijden. Ook Sophia komt jong te overlijden in 1873 op 31 jarige leeftijd, en Christiaan richt zich volledig op de smederij, later geholpen door zijn enig overgebleven zoon.
In 1905 komt ook Christiaan te overlijden, op 66 jarige leeftijd. De smederij wordt voortgezet door zijn enig overgebleven zoon Hermanus, en wordt een historisch begrip in Schagen.
Hermanus huwt in 1900 met Trijntje de Graaf. Zij krijgen een totaal van 5 kinderen, maar slechts een zoon. Deze wordt vernoemd naar zijn grootvader, Christiaan, en werd geboren in 1906. Ook hij heeft interesse in het smederij gebeuren, en vanaf jonge leeftijd is hij in de smidse aanwezig waar hij alle kneepjes van het vak van zijn vader Hermanus leert. Christiaan is zijn hele leven in de smederij te vinden, en zelfs op zeer hoge leeftijd maakt hij in zijn vrije tijd nog sier smeedwerk. In de jaren 80 heb ik hem nog moeten ontmoeten, hij was toen omstreeks 83 jaar, en hij liet mij zien dat niets hem vreemd was in de smidse.
In de moderne tijd, wanneer de smeden uitsterven, werd er naast de smidse een kraan verhuur bedrijf opgebouwd, wat
nog weer later opgaat in een staal constructie bedrijf (1993).
Wijnker van Lint Staalbouwers bv is een staalconstructie bedrijf gevestigd in Schagen. In 1993 nam Ing.Wijnker de activiteiten van Chr. van Lint staalbouw over en werd Wijnker van Lint staalbouwers geboren. In het jaar 2000 was de jaarlijkse omzet gestegen tot 14 miljoen euro. Het bedrijf telde meer dan 90 vaste medewerkers.
Verdere gegevens in de personen database
